BLOG

Vlak na het winnen van de Perswijn schrijfwedstrijd met als thema Zuid-Afrika vloog Thijs Akkerman met andere (aspirant-)wijnschrijvers naar datzelfde Zuid-Afrika. Net als in de meeste wijnlanden bleek de wijnbouw ook hier een mooie afspiegeling te zijn van de staat waarin het land verkeert. In het geval van Zuid-Afrika betekent dit volgens hem: ambivalentie. De meeste Zuid-Afrikaanse wijnmakers zijn nog altijd blank. Ze worden bediend door zwarte mensen die in kleine hutjes aan de rand van de wijngaarden wonen. Maar de beste wijnen worden geproduceerd door een paar producenten die het roer echt omgegooid hebben en hun wijnbedrijven volledig in evenwicht hebben gebracht. Deze week: deel 2 van een reisjournaal over land en wijn.

Balans

De zoektocht naar harmonie, zo ontdekken we als de reis verder gaat, is op sommige plekken al bijna voltooid. Dan heb ik het niet over de wijnbedrijven waar men, zoals bij Fairhills, enkel voor fair trade kiest. Het zijn ook niet de domeinen waar uitsluitend de biologische wijnbouw de scepter zwaait. Laat staan de boerderijen van de oude stempel, die ik hiervoor beschreef. Nee, het zijn de producenten waar alles in evenwicht is. Waar bepaalde druivensoorten aangeplant staan omdat ze passen bij het bijzondere terroir en niet omdat de wereld om die druiven vraagt, ongeacht de herkomst ervan. Waar deze druiven bovendien groeien op het in de wereld unieke terroir, bestaande uit bodems van een miljard jaar oud (Zuid-Afrika heeft geen ijstijden gekend), hellingen dicht bij zee en bovendien een bijzondere vegetatie. En waar de (zwarte) arbeiders niet uitgebuit worden, maar behoorlijk betaald krijgen en waarvan de kinderen naar school kunnen gaan.

Fynbos

De unieke vegetatie (tien procent van de bloemen en planten die er op de wereld te vinden zijn, groeien enkel op de Kaap) wordt ons op een zeer boeiende wijze getoond door de wijnmaker van Haut Espoir in Franschhoek. Binnen twee jaar zal dit domein geheel biodynamisch zijn. En fynbos, de voor de Kaap zo unieke vegetatie, enigszins vergelijkbaar met het Franse garrigue, zal daarbij een grote rol spelen. Samen met de wijnmaker struinen we een uur lang door dit gewas. Vakkundig laat hij ons het ene na het andere plantje ruiken, proeven of voelen. Zijn wijnen zijn stuk voor stuk juwelen. In mijn schriftje noteer ik over de Semillon (waar Franschhoek op wil gaan inzetten): "Vleugje sinaasappelmarmelade, beetje hout. Fris, maar ook nootachtig, amandelen". De Viognier, gerijpt op Hongaars eiken en geliefd bij veel chef-koks, doet me het volgende opschrijven: "Wat gember, mooi rond. Zou goed smaken bij Thais eten". De mooiste wijn is de Shiraz uit 2004, vol kersen, rozijnen en peper. Mooie tannine, erg elegant. En bovendien: volkomen in balans.

Tovenaars

Er volgen meer topwijnen van echte, biodynamische tovenaars. Een kleine greep: De Syrah-Mourvedre 2007 van Tulbagh Mountain Vineyards, die we proeven tussen de kunstwerken van Saronsberg. Zeer aantrekkelijke bosachtige geur, mooi geïntegreerd hout, elegant. Of de wijnen van Arendsig die, zo vertelde de maker tijdens het diner bij De Wetshof, zijn witte druiven in de ochtendzon heeft staan en zijn blauwe druiven in de avondzon. Zijn mooiste wijnen vind ik zijn Wild Yeast Viognier 2009 (mooie zuurgraad voor een Viognier, elegant) en de Shiraz 2009 (granieten bodem, donker fruit en witte peper).

Poëzie

Maar het beste voorbeeld van een wijnmaker die zijn wijnbedrijf volledig in evenwicht heeft gebracht, is Johan Reyneke. Rustig en zelfverzekerd vertelt hij ons hoe hij na zijn studie filosofie aan de universiteit van Stellenbosch geen werk kon vinden en op een wijnboerderij belandde. Daar zag hij de belabberde arbeidsomstandigheden van de zwarte landarbeiders en besloot zelf een wijnbedrijf te beginnen waar het natuurlijk evenwicht hersteld zou zijn. Met zijn eerste wijn, de Cornerstone, financierde hij voor zijn werknemers onderdak en onderwijs, zodat in ieder geval hun kinderen uit de vicieuze cirkel konden geraken. Vervolgens schakelde hij langzaam over op de biodynamische landbouw. Eenden eten de slakken op, (ongevaarlijke) slangen de mollen. Tussen de wijnranken groeien allerhande kruiden die zorgen voor nitraat en andere voedingstoffen voor de druiven. En zo groeiden zijn stokken uit tot schitterende grijsaards. "Wijnstokken zijn als mensen. Als baby moet je op ze letten, als puber hebben ze veel fruit en op latere leeftijd zijn ze in balans", glimlacht Reyneke.

Over de keuze voor fairtrade of biodynamisch is Reyneke helder: "De keuze voor één van de twee wordt vaak ingegeven door bijvoorbeeld marketingoverwegingen. Maar goede druiven vragen om toewijding en daarvoor zijn inderdaad fairtrade én biodynamische wijnbouw nodig. Balans voor mensen en de natuur is essentieel". Uit zijn mond klinkt het zo logisch als wat. Niets zweverigs aan. En dit alles niet uit schuldgevoel of marketingoverwegingen, maar omdat je zo de beste wijnen krijgt. Kwaliteit verkoopt zichzelf altijd. En kwaliteit maakt Reyneke. Ik noteer allereerst over de Chenin Blanc 2008: "Oude stokken, lage opbrengst. Tropische geur met druppeltje citrus en likje honing. Zeer geconcentreerd, lange afdronk. Geweldig!". Bij de Cornerstone (een blend van cabernet sauvignon, shiraz en een scheutje cabernet franc en merlot) word ik langzaam emotioneel ("donker fruit, specerijen. Mooie zuurgraad en tannine. Kan nog rijpen. Ben in de hemel!"), bij de Reserve 2007 (shiraz en cabernet sauvignon) kan ik mijn tranen nog maar amper bedwingen. Met trillende hand noteer ik: "Ook donker fruit, maar bovendien rozen. Pure poëzie!".

Laat dit soort wijnbouw een voorbeeld zijn voor heel Zuid-Afrika en alles komt goed met dit land.